Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1^8 SPOOK'

heid. De doorweekte teugel hing agtloos van den hals zyns paards; het ging langzaam en voorzigtig op den onzekeren weg. Dikwyls greep hy den teógel en hield het ftil, ten einde misfchien het blaffen van honden , of den blaashoorn van eenen nagtwaker te horen, die hem een nabyliggend dorp kon aankondigen. lEindlyk werd hy van verre een licht gewaar , het welk hem tusfchan de boomen te gemoet flikkerde —• Hy fpoedde zig naar hetzelve , en nader komende, zag hy met blydfchap , dat hy zig niet bedrogen had. Een moedige hofhond kwam hem tegen, en blafte voor hem heen tot aan de poort van een eenzaam voormalig kasteel in het bosch. Zo veel de duisterheid des nagts hem toeliet, zag

. hy fchrikbaïende overblyfzels van den moorden roofzugtigen tyd der ridders; oude vervallen gebouwen en graven en wagttorens —• Eertyds konden hier krygszugtige kampvegters met wilde knaapen wonen; maar nu was dit woest kasteel eene openbaare herberg voor

• afgedwaalde reizigers.

Onze reiziger fteeg van het paard, en riep

luid.

Sluiten