Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VERTELLINGEN.

71

meende ik met zekerheid ontdekt te hebben, dat het door my betastte geen mensch was. Nauwlyks was de dienstmaagd, die wy licht gebragt had, weder uit de kamer, of'er begon een tweede fpooktooncel. Voor myn kamervengfter vertoonde zich een fchrikbaarend gezigt met vuurige oogen; te gelyk verhief zich een gekerm , dat ik in de ontfteltenis niet wist te onderfcheiden, en voor het ichreiën van een kind hield. Ik vermoedde in de eerfte oogenblikken niet anders, dan dat deze verfchyning een onmiddelbaar vervolg was van de kerkhofs historie, ten minften , dat zy dezelfde oorzaak ten grond had j doch ik werd fpoedig anders overtuigd. $ trad naamlyk, om een einde aan deze vertooning te maaken, ftoutmoedig naar het vcngfter, om hetzelve te openen. Myn oogmerk was, de verfchyning of tot antwoord of tot den aftogt te noodzaaken; doch nauwlyks was het vengfter half geopend, of het fchrikgedrogt drong door hetzelve heen in de kamer, cn ik zag — mynen fchoonen, „0g m. Ketzur opgevoedden kater, wiens liefkoo-

zitf-

Sluiten