Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VERTELLINGEN. \J

Hy. Dat is zoo; doch ik heb nog eene byzondere reden daartoe. -—

Ik, En deze is? —

Hy. Ik ben bevreesd*

Ik. (met eet? fchaterenden lagcK) Is het moogelyk! — Gy vergeet misfchien dat 'er drie fchildwachten voor het wachthuis ftaan ? —

Hy. En al Honden 'er ook tien; in den voorledenen kersnagt heeft roéE in zyn frerf kleed alle de fchildwachten verjaagd, toen hy in dien belagchelyken opfchik, met zyn lantaarn in de hand, de galg befchouwde. Ik fla geen geloof aan deze foort van verfchyningen, en echter moet ik .thans nog boeten voor de zonden myner bygeloovige minne. De beuker haale deze verwenschte fnapfters !

Ik, Ja, ja, heer luitenant! een fpook, dat een lantaarn uit de andere wereld medebrengt, is ook indedaad een der belagchelykften, die men kan bedenken.

Wy lagchten beide, rookten onze pyp, en koutten nog eenigen tyd dus voord.

Het

Sluiten