Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

51

s P o o in¬

beeld, de noodwendige opmerkzaamheid 'óp den weg naamlyk, was heerfchcnd by my gebleven , en elke ongewoone beweging van het paard had my dezelve herinnerd. Waar. fchynlyk mag ik iu het begin zeer vast gcflaapen hebben; toen, na de eerste bedwelming, myn flaap geUftster werd, keerden ook de beelden van den voorigcn avond in my terug.

Ieder,wie immer de onrustige fluimeringte paard ondervonden heeft, zal zich ligt een begrip kunnen maaken van dien droomenden toeftand, waarin men meer dan half waakt, en eensdeels by het guichelfpel eener toomlooze verbeeldingskragt, andersdeels by het ophouden van alle geregelde gedagten, echter nog fteeds één heerfchcnd denkbeeld behoudt. Dikwils is het enkel dat: niet tc willen Jlaapen, en terwyl «men influimerr, droomt men nog: ik flaap niet. Uit deze bedwelming ontflond by my de vaste verbeelding dat ik volkomen wakker geweest was; en de muziek had, zoo min als.de

ver-

Sluiten