Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

114 SPOOK-

Vader. Ik weet het; doch het vooroordeel ziet by het helderst licht even zoo onzeker, als in het duister.

Zoon. .Misfchien was hy wel dronken , en wist dus noch wat hy zag, noch wat hy deed; ten miaften zyn ontkennen, van -my dezen nagt gewekt te hebben, doet my dit vermoeden. Ik wilde, gelyk ik u gister avond zeide, om dén uur opftaan, om te bakken, en vreesde den tyd tc verflaapen; doch de nagtwaakcr, dien ik vergeeten had te zeggen van aan myn kamervengfter te kloppen, had dezen nagt den gelukkigen inval, zulks zonder bevel te doen.

Vader. Wel die heeft u ook niet gewekt, ten minften niet om één uur, toen gy wil. de opftaan.

Zoon. Vergeef my, vader! ik hoorde duidelyk zyn kloppen aan het vengfter, en zyne ftem; en echter verzekerde hy my dezen morgen , toen ik hem daar voor bedankte, dat hy my niet gewekt had , en dat by zelf, uit angst voor het geziene fpook, 'er niet eens aan gedagt bad om my te wekken.

Doch'

Sluiten