Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VERTELLINGEN. IÖI

woordig, juist in die geftalten, waarin de verbceldingskragt dezelven het eerfte fchiep."

„ Ik ben voords zeer dikwils in eenen toeftand tusfchen flaap en en waaken, in welken eene menigte van allerlei foorten van beelden, dikwils de zeldzamfte gedaanten, zich vertoonen, zich veranderen, cn verdwynen. In het jaar 1778 had ik eene galkoorts , wélke fomwylen, doch zelden, tot ylen ft.eg. Tegen den avond kwam dagclyks de koorts-aanval. Zoo ik dan dc oogen gefloten hield , kon ik het begin der koude koorts , zelfs eer het gevoel der koude merkbaar wierd, daaruit befpeuren , dat gekleurde beelden, in minder dan halve levensgrootte , en als in eene lyst omvat, zich duidelyk aan my vertoonden. Het waren foorten van landfchappen met boomen, rotfen enz. vermengd. Hield ik de oogen gefloten, zoo veranderde zich geduurig iets in deze beelden , eenige figunren verdweenen, en 'er verfcheenen anderen. Opende ik echter de oogen , zoo was alles weg; floot ik dezelven weder,

dao

Sluiten