Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VERTELLING E,N. 187

abt wendde, „ is het uitwerkfel uwer treffen„ de aanfpraak , myn vriend! — God weet „ het, ik handel zonder eigenbelang. — In., dien gy wilt, 'kunt gy myn' ontwerp veryde„ len. Doch — mag ik op uwe Jlilzwy* „ gcndheid rekenen?"

De abt gaf hem, terwyl hy hem te gelyk de band toereikte, zyn woord van eer; kreeg zyne brieventas voor den dag, en fchreef met potlood eene aanwyzing van twaalf fequinen op een' zyner vrienden in Florence, welke hy het meisje, als eenen noodpennïng, en legen nieuwe verzoekingen, overreikte.

Wy maakten nu toeftel om ons te verwyderen ; want het was byna helder dag. Eerst by het gedruisch, dat ons opftaan veroorzaakte, ontwaakte de moeder. Myn vriend en de abt beduidden haar, dat, en waarom zy zich met haare dochter nog tot de afreize moest gereed maaken. Ik maakte van dit oogenblik gebruik, om de beurs van mynen vriend ,die op de tafel lag, onbemerkt te vermeerderen met eene fommedie geëvenredtgd

was-

Sluiten