Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

f 202 }

hét was, terwyl myn geheele wezen, oogen e^ neus uitgezonderd, door myn hoed bedekt was* w—. Doch laat ik voortgaan.

De opera geëindigd zynde,fpoedden wy ons, toen het gedrang wat verminderde, naar huis.

By het gaan van de gallery, keek ik myn

fnooden echtgenoot van ter zyde aan, terwyl hy yverig bezig was om zyne Comedie-hoer te helpen, en te zorgen, dat zy geen koumogt vatten.

Binnen weinige minuten kwamen wy, myne vriendin en ik, veilig aan myn logement; en, fchoon ik vrees, Lucia, dat gy ons gaan naar de opera zeer zult afkeuren, zoo kan ik u echter verzekeren, dat wy den ganfchen avond zoo vry geweest zyn van alle overlast of be-

fchimping, als in myn eigen kamer. 't Is

waar, de Heer, die naast ons zat, bood ons eens of tweemaal banket aan; maar de groote befcheidenheid, waarmede wy deze zyne beleefdheid weigerden, deed hem aanftondszien,

dat wy ordentlyke vrouwen waren. De

mans eerbiedigen altyd de ftrikte deugd in een

vrouw. Daarom geloof ik ook, dat de

aanmerking van Jufvrouw! Edwards doorgaat , dat de vrouwen namelyk door hare onvoorzichtig

Sluiten