Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 235 >

pen" 9 „ wat een zottin is die Jufvrouw Benfon\ «—* Ik zou die onbefchaamde hoer liever de oogen uit het hoofd gehaald hebben, dan haar nog geld te geven, om naar haar vrienden te

?eizen • P?i Aan zoodanige berisping van

vrouwen, welker naauwgezette deugd in wreedheid ontaart, ftoor ik my niet: —m myn hart zegt my, dat ik braaf heb gedaan; —. ik gevoel by my zelve, dat ik ééne myner natuurgenoten uit den afgrond des verderfs gered heb: — en ik houd my verzekerd, wanneer onze Sexe zulke jonge ongelukkige Schepfels by haren eerftgn val Cwant als zy reeds verder op den dwaalweg zyn, is het veelal te vergeefsch) wilde te regt brengen/dat alsdan doch de uraaten, noch de fchandelyke bordeelen zoo vol zyn zouden met ellendige voorwerpen, die, na het begaan van éénen misftap, te befchaamd en te vreesachtig zyn, om tot hare vrienden te rug te keeren, en die daardoor tot wanhoop gedreven, zich aan hoerery overgeven, en eerlang, dikwyls nog in hare Jeugd, rampzalige HagtofFers worden van ziekten, honger en dood. Doch laat ik tot

nnyne eigen gefchiedenis te rug keeren. 8y myue thuiskomst vond ik myn echtgenoot

Sluiten