Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

r-28 W. FOLKERSMA, GENEES-

baaren , dan. behandelt men haar als eene rotkoorts , namentlyk door de kina en delfzuuren. . Omtrent de derde foort , als namentlyk de ziekte van eene befmetting afhangt, geeft men in de eerfte plaats, wanneer een verloorene eetlust, walgingen, neigingen tot braaken plaats hebben\ een braakmiddel uit de braakwortel met wat fal Tart. vermengd; zomtyds egter is dit niet voldoende , dus men dan een ander ftimulam onder baar vermengen kan : egter gebeurt het ook dat 'er alleen eene neiging tot braaken plaats heeft, zonder eene aanweezende ftoffe, dan is de kruis en munt voordeelig, of de campher, anys-zaad, en wasch ondereen gemengd, en by wyze van een pleister op den hartkolk gelegd; en de noodzaakelykheid het vorderende , kan men de Laud. liq. Sydenh. tot eenige druppen onder eenig warm vogt veilig toedienen.

Ik heb 'er dikwyls de gewenschte uitwerkingen van gehad. Eene aderlaating moet als zeer fchadelyk vermyd worden, 'c welk omtrent het clysteeren mede is aan te merken; gelyk zommigen hier omtrent de gewoonte hebben.

Van meerder dienst zyn hier de Spaanfche vliegen-pleisters op den nek gelegd, te gelyk met een aftrekfel van kruis en munt en vlierbloemen, met honing zoet gemaakt.

Omtrent de toevallen in deeze koorts , hebbe men zig te gedraagen als in de rotkoorts.

S- VII.

Sluiten