Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

«C 2p >

Met welk een trotsch, verachtend oogj

Zag men hoogmoedig neer, Op hen, die niet zo grootsch en hoog?

Gefteld zijn, als mijn Heer, Maar die als burgers, in hunn' kring Beftaan, door vlijtige oefening,

Met roem, met roem, met roem.

Hoe zwaar drukt mij dit groot verlies*

Wat ftaat mij nu te doen? 'k Weet, thans half arm, niet wat ik kies;

Ik kon dit nooit vermoên, Dat ik mijn zuur gefpaarde geld , Aan zulk verlies had blootgefteld,

ó Smart! ö fmart! ö fmart!

Hoe treurig zit thans gade en kroost,

En ziet mij droevig aan: Daar ieder zwaare zuchten loost,

Gevoel 'k mijn hart belacn, Dat ik, verkroppend' al mijn leed, Geheel geen raad, noch uitkomst weet,

Voor ons, voor ons, voor ons.

Sluiten