Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

«?8S E. J. T. a THUESSINK, GENEES»

l

i Men verwart veelal met de gal, de onreinheden der maag en eerfte wegen , de faburra, zeer kwalyk genoemd biliofa, welke van den Heer hahn beter geheten word de quafi-Mlis. Hippociiatks en galenus (p) noemden reeds deze ftof 10 ittoy, dog verftonden daardoor geenzints een zuivere gal, maar de onreinheid der eerfte wegen, welke door het misbruik van zoete, vette, en ligt tot gisting neigende fpyzen, veroorzaakt wierd. Alle deze dingen, welke natuuriyk tot gisting geneigd zyn , wanneer zy in re grote hoe. veelheid genomen worden, of wanneer 'er andere omftandigheden bykomen, die deze neiging bevorderen, als de hicte van den nazomer, gemoedsaandoeningen , enz. ondergaan een beginfel van bederf; hierdoor word de vaste lugt ontbonden, 'er pnr.ft.aan winden, oprispingen, die van een bitteren fmaak zyn; de bykomende gal in den twaalfvingerigen darm bevordert nog meer dit, beginfel van bedetf, en dikwyls zien wy, dat 'er dan brakingen, afgang, en een zogenaamde galkoorts geboren word. Om nu deze quafi-bilis te overwinnen, zyn 'er geen gefchikter middelen, dan verkoelende , verdunnende , zuure dingen , welke de ftof oplosfen en beweeglyk maken ; waarna men ze door een braakmiddel kan ontlasten, en de ove-

ri-

O) Epid. L, 6. Aph. 3. Foes. p. npo. en galenus ssd loc, cit.

Sluiten