Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1034 E. j. T. a THUESSINK, GENEES-

ber is fyner van vezelen, en word daarom bloem Van gember genoemd, en verkozen boven den Westerfchen meer vezelagtigen wortel. Als de fterkfte fpecery, word zy als een generaal prikkelend middel in alle flappe , koude geitellen aangeprezen , maar vooral in flegte fpysvertering en daaruit voortkomende draaijingen, hoofdpynen, zwak gezigt, enz. gebruikt. Zy zet alle affcheidingen aan, byzonder het zweet. Versch zynde 'geeft zy ontlasting , dog zy verjiest deze kragt door het drogen. Boerhaave pryst ze in hoesten, voor» al by oude lieden , en in flymerige lighamen, wanneer hy voorfchryft daarop warmen melk te drinken. In verouderde 'diarrhozae uit zwakheid ontftaande, in kolykpynen en winden, uit dezelve oorzaak voortfpruitende, word deze wortel ook met nut gebezigd. Gekaauwd, of als tabak gerookt, bevordert zy door haare prikkeling de affcheiding van het fpog. Uitwendig pryst plenck dezelve in wateragtige gezwellen en koude verzweringen.

De Laurieren hebben alle een fterk aromalick beginfel in zig, waarom wy dezelve hier gévocglyk kunnen laten volgen.

Caneel. (Laurus Cinamomum. L ) De kaneel, welke een aangenamen, iieilyken fpeceryreuk en zoetagtigen, een weinig bitter en prikkelenden, fmaak heeft, is de edellte onzer Oosterfche fpeceryen, en zo wel in onze keukens als onder onze

art-

Sluiten