Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tN HEELM. uit KELDER en KEUKEN. 1135

de tong veel verbeterd: een rand, van ten minden anderhalf droo-breedte, was vochtig en zuiver geworden. De hoofdpyn en koorts waren weinig. De pis was troebel, en de hoest, welke tot nu toe was bygebleeven , fcheen losfer te zyn. Zy was lustiger dan daags te vooren, hoe zeer zy over grooce zwakte bleef klaagen. Ik liet haar een waterfoupe van zuuring, falade, feldery, ryst en geroost brood gereed maaken , waar van zy met eenigen fmaak at, en die haar wel bekwam. Tót geneesmiddel gebruikte zy nu een conferf, bedaan» de uic wicce honing , gelei van aalbesfen en van vlierbesfen, van elk even veel.

Ik had het genoegen haar van dag tot dag te zien beceren, en op den twintigden dagwas zy zoo verre gevorderd, dat zy eenige uuren konde opzitten ; maar dan begonnen de beenen wat te zwellen, doch deeze zuchtige zwelling is na verloop van een week twee of drie geheel verdwenen , en zy van deeze moeilyke ziekte volkomen herdeld geworden , zonder dat 'er in de borst eenig gevolg der voorgaande 'wflammatk overgebleeven is.

Ik behoeve niet te zeggen, dat deeze Iyderesfe eene van die geenen geweest is, by welken ik, na hec bekend worden van hec Vraagduk, de proef genoomen hebbe , tot welke eenvouwigheid men de geneeskundige behandeling deezer ziekte zonder nadeel voor de Iyderesfe, zoude kunnen brengen.

Sluiten