Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

\\6o J. WILLEMSE, G. z., GENEES-

zoude kunnen losmaaken en verfcheuren. Hy liet zich deezen hembdrok met eenige tegenkanting aandoen, en ik kreeg onder wyl gelegenheid om de "pols te voelen, welke niet vol was, en ook geene fnelheid teekende. Hy fcheen zeer dorlh'g te zyn, naardien hy in een oogenblik een ganfche pot , waarin meer dan twee flesfen bier waren, uitdronk.

Ik poogde door een laxeermidde^ uit manna, fenebladen, en [al mirabile hem afgang te bezorgen; maar hy wilde hetzelve niet neemen, wat moeite men ook deed. Ik beproefde het op allerlei wyzen, en onder verfchillende gedaanten, maar alles mislukte , wyl hy alles vermorste. Zyne krankzinnigheid bleef voortduuren, alleenlyk hy verfcheurde of vernielde nu niet meer. Dit was het eenige dat 'er gewonnen was, maar voor het overige was het niet veilig, alleen zynde, hem te naderen, wyl men hem niet konde vertrouwen.

Daar de oorzaak van zyne krankzinnigheid onbekend was, viel ik, uit overweeging van zyn chokriek geftel, op de gedachten, of misfehien de ziekte niet Wel in den onderbuik huisvestte, en of 'er niet wel eene zwarrgallige floffe aanweezig ware, die hier deeze verfchynfelen veroorzaakte; eindlyk, of men niet, met deeze te ontbinden en uittewerpen, den lyder eenen merklyken dienst zoude doen. Maar zoo ooit, dan was het in dit geval: hic la* hor, hoe opus.

Men had my bericht, dac hy zeer gulzig een asn-

mer-

Sluiten