Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Christelyke Leer van God.

23

maakt, dat alle dingen in de Waereld voort.duuren, zo lang hy wil.

Vr. 82. Waaruit erkennen wy deeze onder, houding aller dingen?

Antw. Daaruit dat alle zyne Schepzelen hunne aanwezigheid, hunne inrichting hunne krachten, de hulpmiddelen tot hünb'flaah en tot hunne werkzaamheid, hun jwW* ■ ora zich voortteplanten, en hunne verbindtemsjen onder elkander flechts door den al magtigen wil van den Schepper der Waereld hebben en behouden. Pf. CXLVIII. vs 6* Hy onderhoudtze (Zon, Maan en Sterren* vergl vs. 3 en 5.) altoos en eeuwiglyki Hy fielt haar eene Orde dat zy.niet anders laan kunnen Gen. VIII. vs. 22. Hand. XVII vs 26-28. Kom. XI. vs. 36. te en 'door , hem en w hem zyn alle dingen, falies hellast door hem en hangt van hem af.) Hem zy Eere m Eeuwigheid!

Vr. 83. Wat heet dat: God verzorgt de levendige Schepzelen?

Antw. Dat hy hun alles geeft, wat zy tot het onderhoud des Leevens nodig hebben. Vr. 84. Ivaaruit erkennen wy dat ? Antw. Daaruit, dat hy zorgt, .dat zy de Middelen tot hun Foedzel en tot een vrohk genot des Leevens vinden kunnen. Matth VI vs. 26. AanfcJwuwt de Vogelen des Hemels (m de Lucht) zy zaaijen niet, enz. Vr. 85. Hoe verzorgt Godze ?

tt AlïtW^TT^iet onm^delyk, maar middeM. Hand. XIV. vs. t7. God heeft zich niet onbetuigd gelaaten, (zich aan ons genoegzaam te kennen • gegeeven) heeft ons veef'goeds, \ B 4 x ge-

Sluiten