Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3* Over het heilig Avondmaal,

zen Maaltyd is dus eigen aartig gefchikt, om ons geloovig vertrouwen op de Godlyke genade te veriterken, onze goede voorneemens te verlevendigen, en aan dezelve kracht by te zetten.

Stelling 7. Tot eene waardige deelneeming aan deeze Inftelling, behoort inzonderheid dankbaare liefde voor onzen Verlosfer, en een oprecht voorneemen, om afftand te doen van alle moedwillige zonden.

St. 8.

De rechte Voorbereiding tot deezen Maaltyd beftaat dus, in een onpartydig onderzoek van onze harten, en eene ernftige opwekking van zulke aandoeningen, die eenen blyvenden indruk op onze zielen kunnen maaken,en Gode welbehaaglyke vruchten in onzen wandel voortbrengen. 1 Corj XI, 28.

Sluiten