Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der Natuur, III. Onderh. 57

hem verfchaffen, kan de Oceaan, die 's MenJ voor den Adelaar gefloten is, hem niet tegenhouden. De Schepper heeft den menfche niet naar de gclykenis van eenen vogel willen vormen, omdat hy 'er eenen Koning van wilde maaken.

De vaardigheid om alles te hehee- De wt^ ren, en zyne werkingen te veranderen, ^"^jeefli naar vereisch der omflandigheden , is met alles het eerfte behulp, dat de mensch in ^hem den edelen ftand zyns lighaams vindt. Maar de evenmaatigheid zyner leest met het geene hem omringt is voor hem eene nieuwe bron van gemaklykheden, om zich meester van alles te maaken. Met. eene kinderlyke geftalte, zoude hy de voortbrengfels der aarde niet kunnen verteeren; hy zoude ze zelfs niet kunnen teelen. Met eene reusachtige geftalte , zoude hy zich in kommer en behoeftigheid bevinden, en de aarde hem het noodige voedfel niet kunnen verfchaffen.

Verre van de dieren, die radder en fneller dan hy zyn, te benyden, doet hy ze voor hem loopen en draaven; of het water en de winden geeven hem ü « vleu-

Sluiten