Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

6 a ScHOÜWTOONEEL

's Men- Maar ichoon hy op zulke groote'afyóoooY. banden veeleer gedragen worde, dan hy zich zeiven draagt, verricht zyn been, door eene byzondere gedaante, en door fpieren, die eigen aan het zelve zyn, een oneindig getal werkingen en dienHen, overeenkomilig met de behoefte zyner heerfchappye en zyns bewinds, maar onnut voor zyne flaaven, aan welken zy geweigerd zyn.

's Menfchen been loopt fpichtig af naar de aarde , daar het eindigt met eenen platten grond, om het lighaam te Hutten, door een' edelen en verzekerden Hand, en te hoeden voor den val, zonder de losheid der beweegingen te hinderen door de breedte van het beflag; en fchoon het been der lastdieren vast Haat op eene platte oppervlakte , trekken zy daarvan geen ander voordeel , dan de Hevigheid van den ftand. Hun klaauw of hoef is leelyk. Hy heeft noch leden noch dryfvederen. Maar de bal van 's menfchen voet, geholpen door de bewecglykheid der teenen, die deszelfs uiterfte deel boorden , en door de zenuwen, die, om zoo te fpreeken, ontelbaar zyn,

en

Sluiten