Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IfJO SCHOUWTOONÉÉL

*» Men- mensch is daar door ontflagen van eeHeer- ne ^asuSe oplettendheid, welke hy zoudbHAi-rv. de moeten bezigen, het zy over de verteering , het zy over de ontelbaare byzonderheden van zoo veele inwendige werkingen , die hem veele moeite gekost zouden hebben, indien zy naar zyne bevélen en zyn beftier hadden moeten wachten , om hunnen dienst waarteneemen. Maar waar toe dient deeze ontlasting anders, dan om hem in itaat te {tellen om geltadig buiten zich te werken, en zich geheel-enal over te geeven aan de oeffening zyner bekwaamheden?

Het geene, dat ons toegelaten is van de inwendige huishoudinge des menfchelyken lighaams te bevroeden , is een nog veelgrooter wonder dan alles, wat wy in de natuur gezien hebben: maar laaten wy de waarheid zeggen: zoo dra wy hooren fpreeken van maag, van ingewanden, van gal, van verteeringe, van gyl, van vochten, van fcheidinget) en uitwerpingen, ftoot onze inbeelding zich daaraan; en de werktuigen zelfs, zoo wel als het geene zy afvoeren, zyn alle voorwerpen , welker gezicht wy

my-

Sluiten