Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I

schap.

378 ScHOUWTOONïH

^G!' ver,engd'tot elkander toeloopen en zich Weeten- doorfnyden. Nu is het punt der door-

lnydinge E even verre van B en C, dewyl het een deel is van de loodrechte , getrokken op de zyde B C. Maar het ié ook even verre van C en D, omdat net desgelyks een deel is van de loodrechte, getrokken op C D. Dan is het punt van doorfnydinge E op gélyken afftand van B, C, D: het is derhalve het gemeene middenpunt van drie ftraalen, of van drie gelyke openingen van den pasfer E D, EC, E B. Maar als men drie ftraalen heeft, die in een gemeen middenpunt vereenigd zyn, heeft men den geheelen cirkel. Weshalve vallen de drie toppen van alle driehoeken in den omtrek van eenen cirkel, die getrokken is, of kan worden.

131- De cirkel, die de toppen van eiken driehoek var, is ligt te vinden; dewyl, volgens de voorgaande bewerking, de drie toppen kunnen dienen, om het middenpunt en den ftraal te vinden.

132. De drie hoeken van eenen driehoek, in denzelfden omtrek vallende, ftaan op de drie boogen,die den geheelen cirkel uitmaaken, en volgens het 121. voor-

Sluiten