Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

50 VERHANDELING

wijl veelen derzelveii, Prenten van deze foort vefvaerdigt hebben , welke, fchoon lugtig en niet zeer ïiet ópgemaekt, altoos iets Meesterachtigs, en meestal ook iet3 bevalligs en aengenaems in zich bevatten.

Het Graveeren heeft in het vertoonen der muskelen van een vrij kloek menfchenbeeld ongetwij» feld den voorrang boven het Etfen. De zachte en keurige overgangen van het licht tot de fchaduw, welke daer in vereischt worden, kunnen niet zo goed door de Etsnneld uitgedrukt worden: en Prenten van een zeer aenmerkelijke groote vorderen in *t gemeen grooter kracht dan het Etfen geven kan, en zijn daerom ook eigenlijk gefchikte voorwerpen van het Graveeren.

Maar het Etfen is wederom meer bijzonderlijk gefchikt voor fchetfen en lugtige ontwerpen. Deze houden indien zij met het graveerijzer bewerkt wierden alle hunne vrijheid, en met dezelve ook alle hunne fchoonheid verliezen. Het Landfchap is in 't algemeen ook een zeer gefchikt voorwerp voor het Etfen. De meijing van het loof der boomen, de Ruinen, de lucht ja ieder gedeelte van een Landfchap, vereischt de uiterfte vrijheid. Men kan als men een geëtst Landfchap met het graveerijzer opmaekt (gelijk het genoemt wordt) gcene zorg genoeg gebruiken ter voorkoming van zwaermoedigheid. Wij merkten, hier voor, aen, dat het eene hagchelijke zaek was een geëtile plact op te toetfen,

doch

Sluiten