Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

86

HET K E Pv K H O F,

nader bybrcngen.. .. Wat zie ik ? .,, Wat

doet gy hier , en wie zyt gy ? Ecu

leevendig mensch , of een dooiende geest'?.,

Gy fchreit! Zeker zyt gy een mensch.

Geeften weenen aan de overzyde des grafs niet. Zeg dan , ik verg het u ten ernftigften , zeg dan, wat gy hier verricht ?

„ ó Gy j wie gy ook zyn moogt, vraag toch niet, wie ik ben?Deze plaats en hettydfhp waarin gy my ontmoet, zeggen ugenoeg, dat ik verre ben van gelukkig te zyn. Ik heb myn vader verlooren, Hier; in dit graf ligt hy te rusten. Ik wil hier blyven , — op dit graf weenen, zo lang ik kan weenen , tot dat zich de hemel mynes ontferme , en myne ziele uit dit leeven opeifchc."

Alzo fprak de ongelukkige, die, met uitgebreide armen , over het graf zynes vaders was uitgeftrekt , en zyne traanen met den nederdaalenden nachtdauw vermengde. Nieuwsgierigheid noopte my flerk. Ik wilde zyn noodlot omftandig weeten.

Ontdek net my, ongelukkige!

Myn vader woonde in dit dorp en zyne kostwinning maakte hem verachtelyk in het oog zyner buuren, die hem fchier voor geen mensch

hielden.

Sluiten