Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ï84 HET NOODLOT VAN EEN

voorleezingen van Gellert , gaf Philind , terwyl hy zich nederig boog, ten antwoord. Wie is die Gellert , vraagde de fchout aan den geeftelyken —— het is gewis een ketter , vulgo,

Gellert? Ik kan het met geene zekerheid

zeggen , gaf de geeftelyken ten antwoord , evenwel kan ik van dit boek niet veel goeds verwachten. Laaten wy de zaaken eens onderzoeken.

De Ceejlelyke. Waar is dat boek gedrukt? Philind. Te Leipzig.

Qeeftelyhe. Daar ligt de knoop. Te Leipzig,. Het fpreekt van zelf —— de fchryver is een Lutheraan ... 't is een verleidelyk boek •—■

niets goeds is er in —de duivel dat

my God behoede ! — de duivel fteekt in dat boek. — Weg met dien kinderverleider! — Hy is ftout genoeg , zulke Hechte boeken, de fchoolkinderen voorteleezen. Weet hy

wel, watftrafhy hier verdient? ■ eene

geesfeling.

De Schout. Ja , ja , hy moet eens gegeesfeld

worden Gellert voorleczen — nu ——

nu — dat is al een voortreffelyk boek , om voorgeleezen te worden.

PhU

Sluiten