Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TREURSPEL m

Eduard, (tegens Dorife.) Zoudt gy Dorval aan Lucia kunnen afftaan ?

D o r. i 2 e.

Gy doet my Adderen . . . Hoe billyk was de verwoedheid van Dorval!

Richard.

Met hoe groote befadigdheid Ipreekt de befte der mannen van een gruwel! . , Hier fchuik eene verborgenheid onder.

Dorise.

Zonder twyflèl.

Eduard. Schep moed Lucia, en beef niet Dorife. Gelyk my de natuur vader maakte van Dorval , zo gaf de vriendfchap alleenelyk Eduard aan Lucia tot een vader.

Richard, (in vervoering en Eduard by de band neemende.) Dat u alle de machten des hemels beloonen! —Laat my heen gaan — laat ik Dorval opzoeken — de bloedende wonden van zyn hart geneezen en hem op eenmaal! . .

Eduard, (hem wederhoudende.) Vertoef vuurige, driftige vriend vertoef en laat my uitfpreeken.

Lucia, (zich uit de armen van Dorife rukkende, en voor de voeten van Eduard werpende.) Laat het my vry ftaan, u te mogen aanbidden,

zo

Sluiten