Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TOONEELSPEL. 145

openhartigheid beloond of zoeken te beloonen ? Nooit heb ik Fredrik willen vraagen, wat gy niet fcheent goed tc vinden, my te ontdekken. Ondertuffchen is 'er dit en dat voorgevallen , dat de eene waare vriendin niet wel kan bejegenen, zonder dat zy haare gezellin daar van bericht geeve, By voorbeeld , myne waarde, Fredrik heeft, twee jaaren, na dat wy dezen landllreek, zo verre van de plaats onzer geboorte, betrokken hadden, deze wooning gekocht Middelen hebt gy nimmer bezeten. Deze is eene bekende zaak. Fredrik heeft alle zyne goederen verlaaten, toen hy zyn vader verliet. Hy ging, hier komende, op den akker van anderen arbeiden , om voor zyne huisgenooten te zorgen. Zo het dan nu geen geheim van zulk eene natuur is, dat het niemant, zelfs uwe eenigfte vriendin hier ter plaatfe niet uitgezonderd, moge weeten, hoe toch kwaamt gy lieden aan het geld, om deze wooning te koopen? Denk niet, fchoon ik deze vraag doe, dat ik minder uwe oprechie vriendin zyn zal, wanneer gy mogt goedvinden, dezelve niet te beantwoorden. Neen zeker, nieuwsgierigheid van dien aart is myn gebrek niet, Ik fpreek hier alleen van, om u te toonen , dat ik eene vriendfchap zonder betrouwen zonder een blindeling betrouwen , niet zeer hoogacht. Maar het geen ik ernftig en nadrukkelyk bedoele is dit, dat gy, of in myn byzyn, het zuchten nalaat, of my uwe kwellingen, gegrond of ongegrond, mededeelt, opdat ik K ge.

Sluiten