Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TOONEELSPEL. 219

hadt op die Huk, ik zou, door uwe driftige wyze van denken, nu niet ongelukkig gemaakt worden. Carel. Al fpreekt gy zo, gy weet toch wel beter. Ik heb u altyd zo fterk bemind, als ooit broeder eene zufter zou kunnen beminnen ; en nu ik op my wil neemen om, door het verdedigen van myn recht, ook het uwe . ..

Maria. Ik fmeek u myn lieve Carel... Ik fmeek u, met traanen in de oogen, zwyg en bedwing u toch dezen eenen dag!

Carel.

. Waarom toch Mietje ? Maria. Om dat 'er eenmaal onraad genoeg in huis is, al voegt gy 'er geene nieuwe onrufi by. Laaten wy toch nu eerft eens zien, wat 'er tusfehen vader en moeder gebeure. .. Veelligt, loopt u de gelegenheid , om over het huwelyk van beide te fpreeken, door het voorval van dezen dag, van zelve tegen... Lieve Carel, doe toch wat ik zegge!..

Carel. Nu, ik zal my bedwingen... maar, beloof my dan ook, dat gy, in het vervolg, als ik, in deze zaak, myn zin doen wil, my niet tegen zult fpree. ken.

Maria.

Daar is 'er myne hand op ... mids, dat gy tegen

Sluiten