Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TQONEELSPEL. 379

afhandig te maaken. Daar my de misleiding gelukte , twyffelde ik niet, om het middel zelf welhaast weder in myne magt te hebben. Ik vleide my, uw hart ten gevallen van Kleon en Alexandrine overtehaalen

gemakkelyk over te haaien, wanneer zy met

eikanderen wettiglyk zouden zyn vereenigd. . . Nu weet gy de zaak. . . Kleon is eerelyk, en ik, zo hier iemant moet beftraft worden, ben te beftraffen.

Alexandrine, (tegen Sofia.)

Al hadt men my degeheele waereld gefchonken, men hadt my geene grootere en aangenaamer gifc gedaan, dan die my door eene belydenis, zo luisterryk voor Kleon, gedaan is.. .

1 Crates, (tegen Elizabeth )

Volftandige begunftiger van Kleon, hoewel ik my zeer verheuge, een jongeling, dien ik noemen durf, in myn zoon te behouden, myn hart echter gevoelt, met aandoeningen van droefheid,{dat uwe gunfte ten zynen opzichte u iets heeft doen verrichten, dat zeer moeijelyk zyn zal met de voorzichtige bedachtzaamheid van een kritten te vereffenen.

Kleon, (Elizabeth te voet vallende,')

Hoe het hier ook mede zyn moge , dierbaare waarde befchermfter myner liefde ,ik zal nooit ver-

geeten nooit zal myne ontroerde ziel den (lap,

dien gy, ten mynen behoeve, gewaagd heb, vergeeten. Mag ik u geene moeder noemen, niemant zal my echter de tedere gevoelens, die ik u als zoon en vriend zou toedraagen , en toedraage, ontneemen. Ik beveel my in uwe aanhoudende achting en liefde.

(op.

Sluiten