Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TREURSPEL tl

Othello. Gy zyt een Verrader van uwe Vrienden i Jago. wanneer gy denkt dat hy beledigt word, en hem doch niet zegt wat gy denkt.

Jago.

Ik bid U, Myn Heer, wanneer ik evenwel.;.. .... (r); maar veelligt vermoede ik het-ergfte; en ik zeg nog, het is eene ongelukkige feil in myne denkwyze , gaarne iets kwaads uit te vinden, en dus vind myne argwaan wel eens misdaaden, die in den grond niet waar zyn. laat dan myne onwaarfchynlyke vermoedingen U niet doen dooien ; en grond geene kwellende gedachten alleen op myne onzekere opmerkingen: het zou niet dienftig zyn vbor uwe rust; noch voor uw welzyn ; noch met myne vastgeftelde , redelyke en goede gedachten overeen te brengen; dat ik U myne gedachten zoa doen weeten.

Othello. Wat bedoeld gy daar mede ?

Jago.

De goede naam, myn waarde Generaal , is by Mannen en Vrouwen den dierbaarden fchat hunner Zielen. Hy die myn geld fteeld, fteeld myn goed, het is iets -r-» het is niets. Het was het myne; het is het zyne; en is reeds een Slaaf van

duizend

pure, but fome uncieanly apprehenfions keep leets and lawdays. het laatfte kan men door Termyn en. Gerecbtsdag houden, vertaaien.

Vert aalee.

(r) Jago, <voil door deze afgehrookene woorden t O t H e l l o's argwaan zo veel ie Jlerker maaken. hy moet den gebeelen zin aanvullen om 'er iets van ie verjlaan : „ wanneer ik evenwel meer weet alê ik zeggen mag."

StEevens.

III. DtsL. . . F

Sluiten