Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Cig HENRIK >i VIERDE

Gadschill. Ik kan eren zo goed zeggen; by de hand zegt Ac OppalTer, want ik zie geen grooter onderfcheid tuffchen u en de beurzefnyder, als tulTchen de natoonen des Hamers en de Arbeid, maakt nu een begin.

Oppasser, Goede Morgen, Heer Gadfchill. het blyft by het geene ik u gifteren avond zeide. Daar is hier een kleine Edelman uit de wilderniffe in K';nt, die drie honden Ponden in goud by zich heeft; ik hoorde hem gifleren avond zulks over tafel zeggen, tegens iemant van zyn Gezelfchap ; een Soort van een he. gerrechter ; een Karei die ook een menigte baga. gie by zich heeft, God weet, wat. Zy zyn reeds op, en wagten naar Eieren en boter, zy willen terflond voort.

Gadschill. Hoor Vriend, indien zy niet onderweg Sint Nicolaas Dienaars ( z) aantreffen , zo geef ik U myn hals.

Oppasser. Neen, die wil ik niet hebben, fpaar hem liever voor de Beulsknegt; want ik ben verzeekerd dat gy den Heiligen Nicolaas zo eerlyk diend, als een oneeriyke Kaerel hem ooit dienen kan.

Gadschill. Wat praat gy van Beulsknegt? — indien ik gehangen word , zo hangen wy bykoppels en maaken den Galg vet; want indien ik gehangen word; zo hangt Meefter Hans,den Ouden Sir John mede op, en gy weet,dat hy geen Hongerlyder is —

Stil!

(«) De Heilige Nicolaas werd als een Patrion der Dieven aangezien die daarom St. Nicholas Clerks, ef knights heeten, gelyk Steevens zulks uit meer Èiyfpelen aantoont).

Escheübur o.

Sluiten