Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HISTORIESPEL. a°5

Prins HïNrik. . De Dieven hebben die eerlyke Menfchen gebonden en beroofd, nu kunnen wy beiden de Dieven weder berooven en druiloorend naar Londen zenden:ha, dat zou een gefprek voor een gantfche week; een lagchparty voor een geheele Maand, en eene Spot. terny voor altoos zyn.

Poins. Stil, ik hoor ze komen, (De Dieven komen van eene andere zy de te rug,)

Falstaff. Kom hier, fleeren , laat ons den buit deelen, en dan te Paard eer bet dag word. indien de Prins en Poins geen twee volfiagen Bioodaarts zyn , zo is 'er geen billykheii meer in da waereld. die Poins heelt niet meer hart in't lyf als een wilde Eend. (Terwyl zy deelen worden zy van den Prins en Poins overvallen.) Prins Henrik.

Uw geld.'

Poins.

Schurken.'

(Zy loepen allen weg : Falflaff krygt eenige Jlaagen, loopt ook weg ; en de buit blyft leggen.) Prins Henrik.

Dat heeft niet veel moeite gekost.'—-«nulustig te Paard.' de Dieven zyn verfbooit en zo zeer verfchrikt,,dat zy het hart niet hebben öm zich weder te verzaarr.e:en; een ieder houd zyn Kameraad voor een Gerechtsdienaar. Nu, kom, waarde Edward, Falfteff zweet zich dood, hy Lardeerd de magere Aarde terwyl hy over dezelve voortgaat, indien ik my niet te bersten moeit lagchen, dan zou ik hem betreuren.

P o i ét s. Hoe den Luiaart brullt!

III. DfiEI..

P

VYF-

Sluiten