Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

262 HENRIK de VIERDE.

gegraaven Canaal, fchoon en gelyk vloeien ;by za,l zich met zulke kromme en diepe boglen niet flingeren; en my van zulk eenen ryken bodem barooven.

Glendowe r. Hy zou zich niet krommen? — hy zal, hy moet gy ziet immers dat hy zulks doet.

Mortimer. Ziét eens, hy neemt zynen loop} en fpoeld even zoftétkop de andere zyde; en daar door verheft het Land aan de overzyde even zo veel, als daar aan uw zyde.

Worcester. Ja; maar het zal flegts weinig moeite koften, hem hier over heen te leideQ , en op de noordzyde dezen ftreek Lands aan te winnen; en dan vloeit hy aan beide zyden gelyk.

II o t s p u r. Ik wil het zo hebben; het is met weinig koften gedaan.

Glendower. En ik wil het niet verandert hebben. Hotspur.

Wilt gy niet?

Glendower. Neen, en gy ook niet.

Hotspur. Wie zou my dat beletten?

Glendower.

Ik.

Hotspur. Zeg het liever op zyn Wallen, op dat ik u niet yerftaan kan.

Glendower. Ik kanzogoedEngeltchfpretkcn alsgy, Milord,

want

genoemd, vliet ten Ooflen in de groote Waterpoel 11 umber, in 't Latyn Aeus.

Vertaaler.

Sluiten