Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

170 HENRIK de V IERDE.

eigen bloed eenen wraakgeesfel voor my ontdaan moet: maar gy brengt my door alle handelingen van iiw leven op die gedachten , daar gy bloot tot een werktuig der heete wraake, en tot eene roede des Hemels beilemd fchynt om myne zonden te ftraffen. Want zeg my, hoe was het anders mogelyk, dat zulke teugellooze en laage neigingen, zulke armzalige, zulke gemeene, uitgelaatene en onwaardige handelingen; zulke onwaardige vermaaken, een zo Wild gezelfchap, als het uwe is, met het welke gy gepaard zyt, of liever geheel en al mede opgewasfchen zyt; de hoogheid uwes bloeds zouden kunnen geleiden ; en het Vorftelyke hart daar aan Onderwerpen.

Prins Henrik.

Myn Heer! ik wenfchte van alle vergrypen zo vry te zyn als ik verzekerd ben, dat ik my over zeer veel verdeedigen kan, van het geene mén my ten lafte legt. maar ik bid ten minften om zo veel verfchooning, tiat wanneer veele van deze nadeelige vertellingen , waarmede lacbgende oogendienaars, en lafhartige aanbrengers het oor der groö. ten pleegen te vervullen , valfch bevonden worden; dat myn oprecht berouw over eenige waaré misdaaden ; waar in myn Jeugd, afwykende van het echte fpoor , verkeerd heeft gehandeld; vergeeving mooge erlangen.

Konin g Henrik.

De Hemel vergeeve het u —■— maar ik verwon» der my hetfterkfte, Henrik; dat uwe neigingen zxh zo verre van dien eedlen vlugt van alle uwe voor» ouderen verwyde*en. Gy verloor door uwe losbandigheid uw plaatze in den Staatsraad ; die nu uw Jonger Broeder verkreegen heeft; Ja, gy hebt by. na het hert van het geheele Hof en alledePrinfen mynes bloeds voor u afkeerig gemaakt, de Hoop en de verwachting van uwen tyd is weg, en ieder wenfcht op uwen val. Had ik my zo verloopen; had ik my in de oogen der waereld zo verachtelyk

ga.

Sluiten