Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ao8 HENRIK m VIERDE

hotspue.

Welkom, Sir Walter BIubc! wilde het den He» mei dan hadt gy beflooten als wy. eenige van ons beminnen U; en even dezelven zyn op uwe groote verdiensten en op uwen roem yverzuchtig, dewyl gy niet op onze zyde zyt, maar in 't bizonder ons als Vyand tegengaat.

Blunt.

En de hemel verhoede dat ik anders ga, zolang gy zonder recht en billykheid tegens de gezalfde Majefteit aandruifcht. -— maar boord myne Com. misfie — de Koning verlangt te weeten welke be. zwaaren gy eigenlyk hebt; en uit welke oorzaaken gy den inlandfchen Vreede, door zulke gezochte vyandfchappen afbreekt, en zyn, hem altoos trouw gebleeven, Land, de woeste tegenftreeving leerd. wanneer de Koning uwe verdienften — van welke hy betuigt dat dezelve menigvuldig zyn — op de eene wyze of de andere vergeeten heeft, zo verlangt hy, dat gy uwe bezwaaren voordraagt, en terftond zult gy uwe wenfchen, en nog meer als uwe weDfchen verkrygen; en daar toe eene volkomen.e vergeeviug voor u, en de geenen die van u tot Rebellie ver* leid zyn.

Hotspur. De Koning is zeer goed; en wy weeten reeds, dat de Koning weet wanneer het tyd is om wat te belooven, en wanneer om zyn belofte te vervullen. Myn Vader en myn Oom, Ja, ik zelf, zetten hem de kroon op, die hy draagt, en wel op een'tyd dat hy noch geen zes en twintig Man fterk was. Ja dat hy veracht, ongelukkig, en ten ondergebragt;een arme moedelooze Banneling was die in zyn Vaderland te rug kroop, daar heette hem myn Vader aan den oever welkom; en daar hoorden wy hem zweeren en by Gods gunst betuigen, dat hy flegts kwam om Hertog van Lankaster te worden, zyn Erfdeel in bezit te neemen; en zyn vergiffenis met traanen der onfchuld en redelyken dienstyver te zoeken:

daar

Sluiten