Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

304 HENRIK de VIERDE

hard fhal te prangen; dat is niet braaf Müord, dat is niet braaf, wat zyt gy van zints ? wilt gy deze verdrietelyke knoopen eenes over al gefchuwden Oorlog weder ontwinden, en in den kring der ge» hoorzaamheid te rug keeren, daar gy zulk een fchoon en natuurlyk licht van u werpt; en niet lan« ger een uitgeblufchten Meteor zyn, maar een vruchtbaar wonderteken en een voorbode van het af« neemende onheil voor de nog ongeboorene tyden ? Worg ester.

Vergun my gehoor, myn Vorst —— voor myn Perfoon kan ik het my ligt bevallen laaten, het laats, te gedeelte mynes levens in ruft door te brengen; want ik verzeekere u dat ik den dag van deze open* haare vreedebreuk niet gezogt heb. • • .

Koning Henrik.

Gy hebt hem niet gezogt ? — hoe komt gy 'er dan aan?

Falstaff.

Hy vond de tegenftreeving op zynen weg liggen; en toen nam hy ze op.

PrinsHenrik.

Zwyg, Boterkeuken.' zwyg.

Worcester.

Het beviel uwe Majefteit, uwe gunstige oogen van my en myn gantfche Huisgezin af te wenden, en echter moet ik u, Myn Vorst, herinneren,dat wyuwe eerste en yverigfte vrienden waaren. ik brak om uwentwille by Richards tyden myn Maarfchalks ftaf in tweën, en reisde dag en nacht om u te gemoet te gaan, en uwe band te kusfen, en Wel in eenen tyd dat gy, zo in rang als aanzien , verre beneeden my waart, ik , myn broeder, en zyn Zoon waaren het die met het grootste gevaar uw in uw Vaderland te rugbragten. gy zwoert ons— te Donkaster zwoert gy dezen Eed, dat gy niets tegens den ftaat in 't zin had, en niets verder begeerde, als uw aangebooren recht, het Landsbezit in Gaunt, het Hertogdom Lankaster. hier toe

zwoe?

Sluiten