Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3*5 HENRIK de VIERDE

winnen, daar de edele Percy reeds verflaagen was, •n de vreeze alle zyne lieden had aangegreepen; zo ontvlood by'met de overigen ; maar de val die Jby van eene hoogte deed belette hem zodanig, dat hy in de handen viel van hen die hem nazette. Hy is in myne Tent; en ik bid uwe Majesteit hem aan myne goedkeurig over te laaten.

Kou: Hekeu.

Van harten gaarne.

Prins Henrik.

Zo geef ik dan aan u, Broeder Lankaster! dit roembaar werk van grootmoedigheid, ga tot Dou* glas en zet hem zonder Losgeld, en zonder eenig beding in volkomen vryheid. zyne dapperheid die hy heden aan ons beweezen beeft, heeft ons geleerd , zulke ichoone daaden zelfs in onze Vyanden hoog te achten.

Lankaster.

Ik dank u Milord, voor deze overdragt, die ik terftond zal opvolgen,

Kon Henrik.

Nu is 'er niets meer overig dan ons Heir van elkander te laaten trekken. — gy, myn zoon John, en myn neef \Vestmorland', wend u in allen fpoed naar York om Northumberland en den Prelaat Scroop aan te grypen, die zich, zo wy hooren, op het y verig. fte ten oorleg rusten. Ik zelf, eBgy myn zoon Harry, zullen naar Wallis om met Glendower en den graaf van March te vegten. nog een dag als deze zal de Muitery in myn land den moed beneemen: en daar den aanvang zo wel gelukt, moeten wy niet afiaaten tot wy al het ODzen weder gewonnen hebber),,

Einde van bet Vyf de en laatjie bedryf.

ONDER-

Sluiten