Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

S L X S P E L. 34S

sk dikmaais naar Epidamum deed, toe, tot de dood inynes Factors, en de zorge vóór myne, reeds ten goede gelukke overgelaatene goederen,my de liefwaardige omarmingen myner Gemalin onttrok. Ik was nog geen volle zes Maanden van haar verwydert geweeft, als zy, op een tyd dat zy onder de aangenaame ftraffe haars geflachts, byna beviel, gereedheid maakte om my naar te volgen; en ras en gelukkig aanlanden daar ik was. Zeer fpoedig na haaren aankomft wierd zy een gelukkige en blyde Moeder, van twee fchoone Kinderen, die elkander zo wonderbaar geleeken, dat het onmoo» gelyk was, hen anders dan door naamen te onderfcheiden. in even dit uur wierd in dezelve Herberg eene arme geringe Vrouw ook van twee Manne. lyke Tweelingen ontbonden, die even zo veel ge» lykhïïid op elkander hadden, deze kogt ik, terwyl hunne Ouderen.ten uitterfte armmoedig waaren, en voede hen op, om myne Zoonen op te paffen, myn Vrouw die op twee zulke 'knaapen niet wei» nig trofch was, drong my dagelyks aan om onze te rugreize vaft te ftellen. ik bewilligde eindelyk, hoewel ongaarne , daar in ; en wy gingen « helaas I al te ras ——— ter Scheepe. naauw. lyks waaren wy een Myl van Epidamnum voortgezeild , wanneer de altoos aan den wind gehoor» zaame diepte , uit ons verderf een droevig Schouw» fpel maakte, wv hadden niet veel meer te hoopen; want het duiitere Lich:, het welke den Hemel ons noch liet zien, diende flegts daar toe, om onze zielen vol fchrik , eene angftige verzoeking des geheel naderenden doods te geeven. ik voor nïyn deel had hem met opene armen ontvangen; maar dat onophoudelyk Zuchten eener geliefde Vrouwe, die reeds in voorraad dat beweende, 't welk zy als onvermylelyk voor oogen zag, datgecbrey haarer rampzaalige Kinderen, die, zonder e weeten wat zy te vreezen hadden, flegts daarom weenden, om dat zy hunne Moeder zagen Y 5 wee.

Sluiten