Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

243

Dï DWAALING

gezwarft hebbe, kom ik eindelyk naar Ephezen» zekerlyk zonder hoop om hen daar te vinden, maat evenwel met het befluit, om buiten dezen, geen anderen van Menfchen bewoonde Plaatfen onderzont te laaten. maar hier moet ik de gefchiedeniffe mynes levens eindigen; en de dood zou my welkom zyn, indien ijr. van alle myne Reizen fjegtszoveel ondervonden hadt, dat ik verzekerd was dat zy nog leefden»

Salinus.

Ongelukkige Aegeon, wien het Noodlot uirgekoozen heeft om den hoogden graad der verfchrikke lykde wederwaardigheden te ondervinden! geloof my, was het niet tegens onze wetten —— welke Vorden, fchoon zy ook willen, niet Vernietigen kunnen, ——— was het niet tègens myne kroone, mynen Eed, en myne waarde ; dan zou myn hert uw Befchermer werden, en voor u fpreeken. maar, daar het uitgefprooken doodvonnis, zonder het grootde nadeel onzer eere niet weder te herroe. pen ftaat ; zo wil ik doch zo veel ten uwen bede doen als ik met mogelykheid doen kan. Ik fchenk u dan dezen dag nog, op dat gy uw lé. ven door andere hulp kunt zoeken te behouden, ftelalle de vrienden welke gy mogelyk in Epbezen

hebt,

lezen moet, Italy , bet welk, zo als bekend is G r JE c i a M a g n a beet; want by boud deze Plaats voor eene overzetting van de volgende verzen in de M e n a c km e n van P l a u t u s.

Hic annus fextus, poftquam rei huic operam damus.

ïdros, Hispanos, Maffilienfes, Illyrios. Mare Superum omne. Graaciamque exoticam,' Orasque Italicas omnes,qua egreditur mare, ' Sumus circuaivefti.

Sluiten