Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

39§

i DWAAL! N G.

hoede; hem die in het vel van het Kalf gaat, dat voor den verlooren Zoon geilacht wierd: hem, die als een boozen Engel naar beneeden floop, om U uwe Vryheid te ontneemen.

Antipholis. • Ik verftaa U niet!

Dromio.

Niet? — de Zaak is toch zeer duidelyk. die Kae« rel die daar heen ging gelyk een basvedcl, in een leêren oVerrok: die Kaerel, Heer, die de Lieden, wanneer zy moede zyn, ter rufte brengt, (?) die Kaerel, Myn Heer, die zich over de arme Menfchen ontfermd, en haar een dunizaame dragt geeft. Hy die zich gereed maakt om met zyn Paternofter, meer uit te richten dan met de grootfte Vegtknodfe. Antiphol i s.

Ha.' gy meend den Gerechtsdienaar! — Steld die gekheid ter zyden, en zeg my maar, of 'er dezen Avond een Schip afvaart ï Kunnen wy vernekken ?

Dromio.

6! Myn Heer, ik heb U reeds voor één uur gezegt, dat het Schip , Expedition genaamt, dezen avond uitloopt; maar toen hinderde U de Gerechtsdienaar,en gy moeftUmet het Vaartuig, Affcbuw* lyk genaamt, vergenoegen, hier zyn de Engelen, die ik U haaien moeft om ü te bevryden. Antipholis.

De Kaerel is gebeelverward; en ik ben het ook; Wy wandelen h>er enkel als geblinde Lieden rond. een goede Geelt mcge ons gelukkig weder van hier brengén.

(q) And reftsthem. eenwocrdfpeelingmet to reft, in ruft brengen en to arren:, in verzekering neemen,

, .li

AGTSTE

Sluiten