Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

B L T S P E L. 405

Adriana. Hy heeft zekerlyk een keten voor my befteld ; maar hy heeft dezelve noch niet ontvangen. Julia.

Even na dat uw Man, in zyne dolheid in myn huis was ingevallen , en my mynen ring hadt ont* noomen, even dezelfde ring die ik thans aan zynen Vinger zag; ontmoete ik hen op de ftraat, en zag dat hy een Keten aan zyn hals droeg.

Adriana.

Dat kan zyn; maar ik heb denzelven nooit gezien. Kom , Gerechtsdienaar , breng my by den Goud» fmit; ik ben zeer benieuwt, om de omftandigheden dezer zaak te weeten.

TWAALFDE TOONEEL.

Antipholis van Syrakufa, met een ontblooten Degen. Dromio van Syrakufa. de voorigen.

Luciana. ó s Hemel! daar zyn zy reeds weder los.'

Adriana. En komen met de blooten Degen op ons aan! —* wy willen om hulp roepen, op dat men ze weder kan binden.

Gerechtsdienaar. Voort, voort,of zy brengen ons om. (zy hopen weg)

Cc§ DER}

Sluiten