Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TREURSPEL. tg ÏWEEDE BEDRYF.

Het Tooneel is in Sicililn.

S. Pompejus, Mineciatis, Men as.

Pompejus. Indien de groote Goden rechtvaardig zyn, dan zullen zy de zaak van den rechtvaardigden man begunftigeh.

Menecrates. Bedenk, edele Pompejus, dat zy niet altoos af« flaan hetgeen zy uitftellen.

Pompejus. Terwyl wy als fmeekers voor hunne troonen leggen, raakt de zaak, waarom wy bidden, doos uitftel in verval.

Menecrates.

Wy onkundigen fmeeken hen dikwyls om ons eigen leed, hetgeen hun wys vermogen ons weigert tot ons best; en dus is het voordeel voor ons, dat onze gebeden niet verhoord worden. Pompejus.

Het zal my wel gelukken; het volk bemint tny, en ik ben meefter van de zee; myn vermogen is eene wasfende maan, en myne voorfpellende hoop zegt, dat die eens vol zal worden. Marcus Antonius zit in Egypten te banketteeren, en zal buiten geen' twist zoeken; Caefar wint fchatten, terwyl hy harten verliest; Lepidus vleit hen beiden» en word van beiden gevleid; maar hy bemint niet een' van beiden. en niet een van beiden laat zich veel aan hem gelegen leggen.

Menecrates.

Caefar en Lepidus zyn te veld getrokken en Toeren eene groote magt met zich.

torn*

Sluiten