Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TREURSPEL,

83

C/esa r.

Het volk weet het reeds, en heeft zo even zy se befchuldiging ontfangen.

Agrippa, Wien befchuldigt hy.

C^sae.

(Hy befchuldigt) Casfar, en (klaagt) dat wy, toen wy Pompejus van Siciliën beroofd hebben, hem geen deel van dat Eiland hebben gegeven. Daarenboven zegt hy, dat hy my eenige fchepen geleend heeft, die ik hem niet terug gegeven heb; en, laatftelyk, wrokt hy, omdat Lepidus van het Driemanfchap zal afgezet worden, en wy, zo zulks voortgang heeft, alle zyne inkomften terug houden.

A g r tp p a.

Dit most beantwoord worden, Mynheer. Csïs ar.

Dit is reeds gefchied, en zyn Afgezant is reeds (met dit antwoord) vertrokken. Ik heb hem doen weeten, dat Lepidus al te wreed geworden was; dat hy een misbruik had gemaakt van zyne hooge waerdigheid, en dat hy dus dit lot verdiend had. Ik heb hem borg gedaan voor zyn aandeel in het land, dat ik veroverd heb ; maar ook tevens het myne geëischt in Armeniën , en de overige Koningryken, die hy bemagtigd heeft.

Mecenas.

Hierin zal hy nooit bewilligen.

.C./esar.

Dus moeten wy zynen eisch ook nimmer toe> ftaan. (Oiïavia met haar Gevolg ep bet Tooneel kenende.)

Octavia.

Heil zy u , Casfar ! heil, myn Heer ! Heil, waardfte Cssfan

F 2 Cm-

Sluiten