Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TREURSPEL.

niet aan myne borst leggen; die de voedfter in flaap

zuigt?

Charmian. Ach.' barst myn hart!

Cleopatra. Zo aangenaam als de balfem, zo zacht,zo Tew

kwikkend als de lucht o Antonius!.... (Zy

zet eene adder op baar' arm.) Kom, ik zal u ook neemen. —— Waarom zou ik hier langer vertoe*

ven (Zy Jlerft )

Charmian. In deeze woefte waereld? Wel nu, vaar dan wel. o Dood, verhovaardig u thans ,• eene weêrgadelooze Vrouw rust in uwen fchoot. Die zachte donsachtige oogleden zyn gefloten, en nimmer zal de gulde Phcebus wederom door deeze Koninglyke oogen befchouwd worden! Uwe kroon zit fcheef; ik zal die recht zetten, en dan gaa ik fpeelen..., (De Wachten komen invallen.) Eerste Wacht. Waar is de Koningin?

Charmian. Spreek zacht, wek haar niet. < Eerste Wacht.

Casfar zend

Charmian. Een' veel te langzaamen bode. (Charmian zet de adder aan haare borst.) o, Kom. Schieiyk, haast u. Ik voel u naauwlyks.

Eerste Wacht. Treed binnen! Hola! alles is veikeerd. Casfar is bedrogen.

Tweede Wacht. Daar is Dolabella, van Casfar gezonden. Roept hem.

Eerste Wacht. Welk eene daad is dit, Charmian ? Is dit wel gedaan ?

L Cbax<

Sluiten