Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

4S8 RICHARD »e II. KONING va» ENGELi

en alle gewoonten, gebruiken, en ceremonieelé plichtpleegingen, want gy hebt my tot nutoealtyd verkeerd befchouwd; ik leef van brood eveneens als gylieden, ik gevoel dezelfde behoeften als gy, ik lyd fmarten, ik heb vrienden noodig even gelyk gy; aan [dit alles onderworpen hoe kunt gy dan nog zeggen, dat ik een Koning ben ?

Carlisle. ■ Myn Vorst , wyze mannen beklaagen nimmer kunne tegenwoordige tegenfpoeden.maar trachten tegenwoordiglyk de oorzaaken van klaagen voor te komen. Den vyand te vreezen geeft, dewyl vrees de krachten onderdrukt, door uwe weemoedig, heid krachten aan den vyand, en dus beftryden uwe eigene dwaalingen u zeiven. Vrees Hechts, zo word gy geflagen ; en erger (dan geflagen te worden) kan van ftryden ook niet komen ; en ftryden en fterven is de dood door de dood vernietigen; daar de dood te vreezen is flaaffche buide te doen aas de dood.

Aumerle. Myn Vader heeft eene magt op de been; zend naar hem , en leer een geheel lichaam van een en. kei lid maaken.

K. Richard. Gy doet my billyke verwytingen. Trotfcbe Bo* lingbroke, ik kom om Hagen met u te wisfelen tot beflisfing van ons lot. De koortfige hette van de vrees is weggeblazen , ons eigen goed weder te winnen is eene aangenaame zaak. Zeg my, Scroop, waar myn Oom met zyne magt gelegerd is ? Spreek troostelyk, vriend, fchoon uw gelaat droevig is. Scroop.

De menfchen oordeelen volgens de gefteldheid der lucht over den aanftaanden toeftand van den dag; dus kunt gy ook uit myn treurig en zwa*rtnoedtg gelaat oordeelen. Myne tong moet ueen nog droeviger nieuws melden. Ik ben

thans

Sluiten