Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HISTORIE.SPEL. a6S

Zullen wy Northumberland terug roepen , en den Verraader doen uitdaagen , en zo fterven ? Aumerle, Neen, myn waarde Heer, laaten wy zolang ftryden met beleefde woorden, totdat de tyd ons vrienden verleent, en de vrienden ons hunne bahulpzaame zwaarden.

K R ich ard.

o God! o. God! moest dan myne tong,die het fchrikkelyk vonnis van ballingfchap over gintfchen trotfchen man heeft uitgefproken, hetzelve met minzaame woorden weder herroepen! Achl dat ik zo groot ware als myn leed is}, of kleiner dan myn naam! Ach! dat ik vergeeten kon wie ik geweest ben, of niet bedenken wie ik tegenwoordig ben l Zwelt gy op, moedig hart ? Ik zal u een doelwit geeven om te Haan, nu myne vyanden het doelwit hebben om u en my te flaan.

Aumerle.

Northumberland keert terug van Bolingbroke. E. Richard*

Wat moet de Koning thans doen ? moet hy zich onderwerpen ? Welnu, de Koning zal het doen. Moet hy afgezet worden ? Welnu, hy zal daarmede te vreede weezen. Moet hy zelfs den naam van Koning verliezen? o, Laat het, in Gods naam ,zo zyn. Ik zal myne juweelen voor een paternoster verwisfelen; myn prachtig paleis voor eene kluizenaars-cèl; myn Koninglyk gewaad voor een' aal» moefeniers-rok; myne uitgefnedene bekers voor een' houten' nap; myn' fcepter voor een' pelgrims-ftaf; myne onderdaanen voor een paar beelden van Hei. ligen; en myn uïtgeftrekt Koningryk voor een ge • ring graf, een gering, een allergeringst graf; — een vergeten graf; of, ik zal my laaten begraaven aan den gemeenen weg, aan een' weg, die dage. lyks betreden word, daar de voeten der onderdaan nen ieder oogenbiik bet hoofd van hunnen Koning R s mbo.

Sluiten