Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

*1% RICHARD de II. KONING yaïT ENGEL:

ning Richard opwaarts ryzen. Spoed u naar Lon. don , en gy zult het dus bevinden ; ik zeg niet» meer, dan hetgeen reeds een ieder weet. deKoningin. Snel ongeluk, dat zo ligt ter been zyt, betrof niet uwe tyding my voornaameiyk ? En moest ik de laatfte weezen, die daarvan kennis kreeg? o, Gy hebt gedacht my het laatst te bedienen, enkel omdat de droefheid des te dieper in myn hart zou doordringen. Komt , Staatjuffers , gaat met my; laaten wy, te London, London's Koning in elend» gaan zien. Hoe, ben ik dan daar toe geboren, dat myn droevig oog den triumf van Bolingbroke zou ■vergrooten? Tuinman, om dat gy my dit droevig nieuws gemeld hebt, wensen ik, dat de gewasfen, die gy plant, nimmer groeijen moogen. (De Ko* ningin vertrekt met de Staatjuffers.)

Tuinier.

Ongelukkige Koningin, indien dit uwen ftaat Iets kon verbeteren , dan zou ik wel wenfchen, dat myne kunst aan uwe verwenfehing onderworpen wierd. Hier heeft zy eene traan geftort; hier, op deeze plaats zal ik een bed wynruit zaaijen, dat het kruid van genade genaamd word; dus zal hier binnen kort het kruid van genade in de plaats der genade zelve gezien worden ter gedachtenis van eene Koningin, die hier gefchreid heeft.

linde van bet Derde Btdryf,

VIER.

Sluiten