Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

KONING van ENGELAND, HIST. SPEL. 323

„ Neen, ik gaa naar zyne Majefteit in Ier. „ land. "

Nu is het immers niet waarfchynlyk , dat de Dichter zich aan zuik eene vergetelheid en tegenftrydighetd zal fchuldig gemaakt hebben. De ovw ichryvers moeten zich vergist hebben. Het fchynt »y toe, dat de Dichter zelf gefchreven heeft:

» Wbere is tb'e Earl of Wiltsbire? Wbere is

„ be got? " „ Waar is de Graaf van Wiltshire? Waar

„ is hy beland? "

en dat door de overeenkomst der Ietteren van de woorden be got, en bagot, deeze misflag in de affcbriften is ingeflopen.

T,., , Theobalb.

Ibid.. Deeze leezing volgt Dn. Warburton. De Ridder Hanmer laat de laatfte vraag geheel weg, hetgeen my ook best zou behaagen, dewyl het zeggen: Wbere is he got ? my niet in de ooren klinkt als een fpreekwyze van Shakespeare.

tl-j t, , Dr. Johnson.

Ibid. Reg. 7. (van onderen.)

„ in den bollen grond," , ,dr' Warburton wil dat men voor, bollots, bol, of bollovj'd, uitgehold, zal leezen, ballood, geiuyd, doch myns bedunkens is deeze verandering onnoodig, dewyl de oude leezing een' goeden zin heeft, waarom ik die ook behouden heb.

j, „ Vertaaler.

rag. 2S7. Reg. 12 (van onderen.)

„ daar zit die fpotfter," Het woord antiek, dat ik hier door fpotfter ver. taald heb, betekent eigentlyk dien perfoon, die in de oude Spelen de rol van Nar of Grappenmaaker fpeelde, en gewoon was zelfs de grootfte perfonadien van het Stuk te befpotten; denzelfden dien X 2 de

Sluiten