Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

352 Da TWEE EDELLIEDEN van VERONA,

Valentino. Hoor eens, kameraar., zeg my; kent gy Mevrouw Sylvia?

Speed.

Die Juffer, op welke uwe Hoosedelheid verliefd is ?

Valentino. Hoe! Waaruit weet gy, dat ik verliefd ben ? Speed.

De droes 1 wel duidelyk uit de volgende kente. kenen; vooreerst, hebt gy geleerd, even gelyk Signor Proteus uwe armen over eikanderen te leg. gen als een Malcontent; een' minnezang te neuriën als een roodborstje; alleen te loopen als iemand, die de pest heeft; te zuchten als een fchooljon. gen, die zyn Abéboek verloren heeft; te huilen als een jong meisje, dat haare greotmoeder begraven heeft; te vallen als iemand, die ziekelyk is; te waaken als iemand, die vreest, dat hy beftoien zal worden; zo klaaglyk te fpreeken als een bedelaar op Allerheiligen. Te vooren waart gy gewoon, wanneer gy lachte, te kraaijen als een haan;wanneer gy wandelde, (zo moedig) te gaan als een leeuw j wanneer gy vastte, dan was bet voort Ha het eeten; wanneer gy droevig waart, dan was het omdat gy geen geld had; en nu zyt gy door eene Minnaares zódanig herfchapen, dat ik, wanneer ik u aanzie, kwaalyk kan gelsoven, dat gy myn Heer zyt.

Valentino. . Kan men allen deeze dingen in my befpeuren ? Speed.

Men befpeurt die nog veel meer buiten u,

Valentino. Buiten my ? Dat kan niet weezen.

Speed.

Buiten u, ja, dat is zeker; want buiten u zou niemand zo eenvoudig zyn, maar gy zyt zo zeer buiten deeze dwaasheden, dat deeze dwaasheden ih u zyn.en

door

Sluiten