Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

374 De TWEE EDELLIEDEN van VER.ONA» AGTSTE TOONEEL. Het Toontel verbeeld eene Jtraat te Milane. Speed, L auncé. Speed.

Launce ik heet u, op myne eer, welkom it Milano.

Launce.

Bezondigu niet,myn goede jongen,door valsch te zweeren; want ik ben nog niet welkom • want ik reken, dat één mensch niet eer verloren is, dan wanneer hy gehangen is; en nooit welkom in eene plaats, dan wanneer hy eenig gelag betaald heeft, en de waardin hem welkom heet.

Speed.

Kom, kom, gek» ik zal terftond met u naar een bierhuis gaan, daar gy, voor een gelag van vyf ftuivers wel vyfduizend welkoms zult krygen. Maar, zeg my eens, kameraar, hoe is het gegaan met het affcheid tusfchen uw' Heer, en Juffer Julia?

Launce.

De droes | nadat zy een ernftig affcheid van e!» kanderen genomen hadden, fcheidden zyboertende. Speed.

Maar zal zy hem trouwen?

Launce.

Neen.

Speed.

Hoe dan? Zal hy haar dan trouwen? Launce.

Neen, ook niet.

Speed. Hoe, zyn zy dan gebroken?

Livm

Sluiten