Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

B L Y S F E L. 375

Launce. Neen, zy zyn zo gezond als een visch. Speed.

Hoe Haan dan de zaaken tusfchen hen beiden ? Launce.

Wat drommel! zo; als zyne zaaken wel ftaan, dan ftaan haare zaaken ook wel.

Speed.

Welk een ezel zyt gy! Ik kan u niet begrypen. Launce

En welk een domoor zyt gy J Ik begryp myn* ftok wel.

Speed.

Wat gy zegt!

Launce. (Zyn"ftok omgryptnde.) Wel ja, begryp ik nu myn' ftok niet. Speed.

Ja, gy omgrypt uw' ftok voorzéker. Launce.

Welnu, omgrypen en begrypen is immers een. Speed.

Nu, zeg my de waarheid; zal het een paar worden ?

Launce.

Vraag het myn' hond, indien hy zegt, Ja, dan zal het gefchieden; indien hy zegt, Neen, dan zal het ook gefchieden; indien hy niets zegt, en kwispelftaart, dan zal het ook gefchieden. Speed.

Het befluit van de zaak is dus, dat het zal gefchieden.

Launce.

Gy zoud nooit dit geheim uit my getrokken hebben, dan by wyze van gelykenis.

Ik ben wel te vreeden. dat ik het op deeze wys uit u getrokken heb. Maar, Launce, wat zegt Aa 4 8Ï

Sluiten